Verhoogde kinderbijslag voor meer eenoudergezinnen

Eenoudergezinnen met een bescheiden inkomen ontvangen sinds 1 mei 2007 een maandelijkse toeslag op de gewone kinderbijslag. Vanaf 1 oktober 2008 verhoogt het inkomensplafond voor eenoudergezinnen die recht hebben op die toeslag en verhoogt ook het bedrag van die toeslag voor het eerste en tweede kind. Deze maatregel moet de werkloosheidsval van eenoudergezinnen tegengaan: de toeslag voor werkenden is nu even hoog als de toeslag voor werklozen.

Wat? 
De toeslag voor eenoudergezinnen werd dit jaar verhoogd van 20,81 euro naar 42,46 euro voor het eerste kind en 26,32 euro voor het tweede kind. De toeslag voor een derde kind blijft hetzelfde, nl. 21,22 euro.
Voor wie? 
Alle alleenstaande ouders met een bescheiden inkomen, werknemer, zelfstandige, ambtenaar of uitkeringsgerechtigde, kunnen genieten van de uitkering.
Door wie gebruikt? 
Met het verhogen van de maximumgrenzen kunnen 21.723 bijkomende kinderen genieten van de toeslag.
Wettelijke basis/ Meer informatie 

Het inkomensplafond is nu 2.060,91 euro bruto per maand in plaats van 1.810,35 euro per maand.

Koninklijk besluit van 28 september 2008 tot wijziging van het bedrag van de bijslag bedoeld in artikel 41 van de samengeordende wetten van 19 december 1939 betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders (B.S. 1.10.2008)

Koninklijk besluit van 18 september 2008 tot verhoging van de aanvulling van de kinderbijslag voor bepaalde eenoudergezinnen in de regeling van de gezinsbijslag ten voordele van zelfstandigen (B.S. 14.10.2008)

 

© Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen